Mike
Follow along with the video below to see how to install our site as a web app on your home screen.
Opmerking: This feature may not be available in some browsers.
De Nederlandse ministers Bart van den Brink en Tom Berendsen op bezoek bij de Syrische president Ahmed al-Sharaa. © Ministerie van Buitenlandse ZakenDe Nederlandse ministers Bart van den Brink en Tom Berendsen op bezoek bij de Syrische president Ahmed al-Sharaa.
Nederlandse ministers duiken op in Damascus: spreken over gedwongen terugkeer Syrische asielzoekers
Vicepremier en minister Bart van den Brink (Asiel en Migratie) en minister Tom Berendsen (Buitenlandse Zaken) spraken woensdag in Damascus met de Syrische regering over de gedwongen terugkeer van Syrische asielzoekers. Het bezoek aan Syrië bleef vanwege de veiligheid geheim.
Hanneke Keultjes
24 juni 2026
Nederland haalt de contacten met Syrië aan. Voor het eerst sinds de val van het regime van dictator Assad hebben een Nederlandse vicepremier en buitenlandminister een bezoek gebracht aan het land.
Tijdens het bliksembezoek spraken de CDA-bewindslieden met president Ahmed al-Sharaa en minister van Buitenlandse Zaken Assaad al-Shaibani. In de voormalige paleizen van Assad hadden zij het over de wederopbouw van het door oorlog verscheurde land en over het belang van veiligheid. Maar ook over een ander cruciaal punt: de terugkeer van Syrische asielzoekers. „Dat is een belangrijke prioriteit van het kabinet”, aldus asielminister Van den Brink.
Tijdens de burgeroorlog in het land vluchtten zo’n 150.000 Syriërs naar Nederland. Zij kregen vaak snel asiel, maar huidige asielverzoeken van Syriërs worden volgens de asielminister bijna allemaal afgewezen. Zij moeten dan terug naar Syrië, maar dat gebeurt nu niet of nauwelijks.
Het kabinet-Jetten wil afgewezen Syrische asielzoekers daarom kunnen dwingen terug te gaan. Dat kan alleen met medewerking van de nieuwe Syrische regering. Daarover zijn tijdens het bliksembezoek nog geen harde afspraken gemaakt, wel wordt er in een ‘gezamenlijk comité’ verder aan gewerkt.
Uiteindelijk moeten ook Syriërs met een tijdelijke verblijfsvergunning teruggestuurd kunnen worden, zegt Van den Brink. „Maar dan moet het land wel langdurig stabiel zijn.” Al eerder reisden Syriërs uit ons land vrijwillig terug naar Syrië, in 2025 ging dat om zo’n negenhonderd mensen.
Syrië vraagt om Nederlandse landbouwkennis
Het land komt uit een langdurige oorlog en vraagt in ruil voor afspraken over het terugnemen van onderdanen wel wat terug. „We koppelen het Syrische belang aan ons belang. Syrië wil hulp bij de wederopbouw en om de economie aan de praat te krijgen”, zegt Van den Brink. „Syrië vraagt om Nederlandse landbouwkennis: hulp bij het verbouwen van gewassen.” Zo heeft de Syrische president gevraagd om een technische delegatie uit Nederland die gaat kijken hoe het land geholpen kan worden.
Extra geld hebben de ministers woensdag niet toegezegd. Begin deze maand maakte het kabinet nog bekend 25 miljoen euro vrij te maken voor Syrië. Dat bedrag was toen bedoeld voor ‘wederopbouw ten behoeve van het faciliteren van vrijwillige terugkeer’ naar het land. Er zou al wel een plan plus financiering klaarliggen om Syrië te helpen bij concrete afspraken.
De gedwongen terugkeer is niet bedoeld voor Syriërs die een permanente verblijfsvergunning hebben. „Zij blijven gewoon in Nederland, tenzij ze vrijwillig terug willen naar Syrië”, zegt Van den Brink. Dat geldt ook als het hele land als veilig wordt bestempeld.
Ministers gaan per auto van Beiroet naar Damascus
Nu is dat nog niet het geval. Het bezoek van de Nederlandse ministers werd vanwege de veiligheidssituatie in het land geheimgehouden. Van den Brink en Berendsen reisden per auto van de Libanese hoofdstad Beiroet naar Dasmascus, een rit van zo’n drie uur. Pas nadat de ministers weer terug waren in Libanon, mocht bekend worden dat zij in Syrië waren.
Het bezoek aan Damascus noemt Van den Brink ‘indrukwekkend’. „Het land komt uit een oorlog, delen zijn kapotgeschoten. Maar tegelijkertijd zag ik in Damascus een stad die vitaal oogt, die voluit leven uitstraalt.” De Syrische machthebbers zijn volgens hem ‘hoopvol’. „Zij zien ook dat het land veel potentie heeft.”
Maar ook nadat Assad eind 2024 werd verdreven is er sprake van geweld, dat vooral is gericht tegen minderheden als druzen en alevieten. Van den Brink en Berendsen spraken in de Syrische hoofdstad ook met religieuze leiders van minderheidsgemeenschappen. „Een stabiel Syrië is alleen mogelijk wanneer rechten van alle minderheden worden gerespecteerd. Dit hebben we de Syrische autoriteiten laten weten”, stelt Berendsen.
Volgens hem staat de Syrische overgangsregering ‘voor een grote uitdaging’. „De regering probeert de bouwen aan vertrouwen, door minderheden te beschermen. De intenties zijn goed, maar we beoordelen ze op hun daden.” Afspraken moeten niet alleen worden gemaakt, zegt Berendsen, maar ‘ook worden nagekomen’.