Onder de 15 procent wordt het kritiek: waarom contant geld in Nederland voorlopig niet verdwijnt
In Nederland betalen we jaarlijks 1,2 miljard aankopen met cash en dat is al jaren stabiel. © Anton Kappers
Nederlanders hebben van alle eurolanden het minste contante geld op zak, maar cash is nog lang niet uitgestorven. Integendeel. Want ondanks de opmars van pinnen, betaalapps en digitale wallets blijven we volop gebruikmaken van tastbare munten en biljetten. „Een land zonder cash? Ik zie het in mijn leven niet gebeuren.”
Saskia van Westhreenen
25 juli 2026
De verschillen binnen Europa zijn groot. Nederlanders hebben met gemiddeld zo’n 35 euro de minste cash bij zich. Het gemiddelde van de eurozone ligt op 59 euro, blijkt uit onderzoek van de Europese Centrale Bank uit 2024.
Maar toch is het beslist niet zo dat contant geld langzaam uit de Nederlandse samenleving verdwijnt. Sterker: de afname van cashbetalingen stokt. In 2025 werden hier 1,2 miljard aankopen aan de kassa contant afgerekend, een aantal dat sinds 2020 bijna stabiel is gebleven.
En komt de Europese Centrale Bank met
de ontwerpen voor een nieuw eurobiljet, zoals deze week, dan hebben we daar allemaal een mening over.
Kritieke grens
Berend Jan Beugel van Betaalvereniging Nederland ziet een verdere grote daling van cash ook geenszins gebeuren. „Ik verwacht het niet. En ik hoop het óók niet.”
Want als we grofweg 20 procent van onze betalingen afrekenen met contant geld, is die hele infrastructuur met geldautomaten erachter nog wel op te brengen. Maar zakken we onder de 15 procent, dan wordt de situatie kritiek.
Daar weten ze in Zweden alles van. Zweden, geen euroland overigens, is een absolute voorloper in het digitaal betalen. Een paar jaar geleden dreigden de kosten van geldautomaten, cashtransporten en de biljettenverwerking er de pan uit te rijzen.
De Zweedse centrale bank en de overheid grepen subiet in, en inmiddels geldt ook daar een verplichte acceptatie van cash voor de dagelijkse boodschappen. „Met de natte duim: onder de 15 procent moeten we beslist niet zakken’’, zegt Beugel. „Dan zou contant geld gewoon hartstikke duur worden.”
Een nieuwe wet verplicht het aannemen van contant geld tot 3000 euro. © Anton Kappers
Niet minder contant
Betaalvereniging Nederland verwacht dat hier volgend jaar niet substantieel minder contant wordt afgerekend. En dat heeft ook alles te maken met nieuwe afspraken die onze rijksoverheid in 2023 maakte.
Het parlement stemde in met een wet die winkels, de horeca en bedrijven gaat verplichten om contant geld aan te nemen voor bedragen onder de 3000 euro. Boven dat bedrag worden contante betalingen tussen consumenten en handelaren juist verboden. Dat moet witwassen en belastingontduiking tegengaan.
Bij 96 procent van de winkels
De Nederlandsche Bank (DNB) houdt toezicht op naleving van alle afspraken. Uit recent onderzoek blijkt dat 96 procent van de winkels, horecazaken en andere dienstverleners contant geld accepteert, een aandeel dat vrijwel gelijk is aan een jaar eerder.
Er werden meer dan vijfduizend winkels en duizend marktkramen bezocht. Slechts 4 procent van de winkels werkte met een ‘pin-onlybordje’, iets minder dan in 2024. Bij bioscopen en apotheken nam de mogelijkheid om met contant geld af te rekenen iets toe.
Pinnen is goedkoper
Nederlanders rekenden vorig jaar 7,1 miljard keer af in winkels. Veruit de meeste betalingen, 5,8 miljard stuks, verliepen met de pin, een betaalmethode die voor de doorsneewinkelier volgens Beugel ‘veel goedkoper’ is dan contant.
Zijn betaalvereniging zette de kosten op een rijtje; een pintransactie kost de winkelier 17 eurocent (inclusief de kosten van internet, de pinterminal, de bank), een contante transactie kost hem 61 eurocent.
„Voor veel winkeliers lijkt dat laatste misschien niet zo, maar zij vergeten de verborgen kosten: de tijd die de kassamedewerker kwijt is, het tellen aan het einde van de dag, het ophalen van wisselgeld, het afstorten.”
Cash doet pijn
Maar desondanks willen we dat contante geld dus beslist niet kwijt. Allereerst omdat een op de zes Nederlanders minder digitaal vaardig is. Contant geld is voor hen een belangrijke manier om grip te houden op de eigen uitgaven. „Cash heeft de eigenschap van ‘betaalpijn’, je voelt direct wat je uitgeeft.”
Cash: de enige betaalmethode die werkt als het internet en de elektriciteit zijn uitgevallen. © Marijan Murat/dpa
Voor digitaal vaardige mensen is het andersom; veel jongeren zien cash juist als ‘gratis’ geld en houden met hun bankapp het beste overzicht.
Daarbij is cash de enige betaalmethode die ook werkt als de elektriciteit en het internet zijn uitgevallen. En last but not least: contant betalen kan lekker anoniem. Alleen jij en de winkelier weten welke transactie je zojuist hebt gedaan.
„Contant geld is gewoon ergens goed voor’’, zegt Beugel. „En dat willen we in Nederland graag zo houden. Een land zonder cash? Ik zie het in mijn leven niet gebeuren.”
Wat als cashgeld onbetaalbaar wordt?
Wat gebeurt er als cash zó weinig wordt gebruikt dat het systeem erachter onbetaalbaar wordt? Die vraag bracht TU Delft-onderzoeker Igo Boerrigter in 2019 tot bijna sciencefictionachtige oplossingen. Boerrigter deed zijn onderzoek destijds in opdracht van De Nederlandsche Bank.
Hij opperde onder meer om het bekende rondje van het 50-eurobiljet, van pinautomaat naar klant naar winkelier en weer terug naar de bank, te doorbreken. In zijn toekomstvisie pinnen we cashgeld gewoon bij de winkelier. Een app laat zien wie nog voldoende briefjes op voorraad heeft.
Nog radicaler: vervang het muntgeld door gekleurde plastic chips. Volgens Boerrigter zijn die goedkoper, praktischer en makkelijker uit elkaar te houden dan eurocenten. Futuristisch? Zeker. Maar volgens datzelfde onderzoek zijn het noodzakelijke oplossingen als Nederland in de toekomst veel afhankelijker zou worden van digitale betalingen.