Weermodificatie

Ik heb vanavond echt een ongelooflijke uitbraak van onweer meegemaakt in Amsterdam. We zitten nu op 4 uur achter elkaar van constante bliksem en hoosbuien.

Op het hoogtepunt werden ~30.000 inslagen gedetecteerd in 30 minuten over Nederland en Noord-Duitsland, ~17 bliksemschichten per seconde.
 
BLIKSEMS ZONDER REGEN IN PARIJS

🇫🇷 Vanavond heeft Parijs een « spektakel » bijgewoond van hevige elektrische onweersbuien… maar zonder de verwachte regen. Enorme bliksems, onophoudelijke donderslagen, en toch geen neerslag. De waarnemers laten zich niet misleiden: het gaat hier niet om een natuurlijk fenomeen.
 
Interessant verhaal over de omegablokkade.

Een meteoroloog legt uit waarom het deze week zo warm is (en nee, het komt niet door klimaat- verandering

De omegablokkade — dat is de werkelijke meteorologische verklaring achter de extreme temperaturen die momenteel over een groot deel van het Europese continent worden gemeten. Terwijl grootmedia als de NOS de hitte vrijwel reflexmatig koppelen aan klimaatverandering en broeikasgassen, wijzen kritische wetenschappers op een veel nuchterder en beter onderbouwde verklaring: een hardnekkig weerpatroon in de hogere atmosfeer dat Europa al vaker in zijn greep heeft gehouden.

Wat is een omegablokkade precies?

Een omegablokkade is een specifiek patroon in de straalstroom — de krachtige windstroom op grote hoogte die het weer in onze breedtegraden grotendeels stuurt. De naam komt van de gelijkenis met de Griekse hoofdletter omega (Ω): een grote hogedrukrug in het midden, geflankeerd door twee lagedrukgebieden aan weerszijden. Dit patroon zorgt ervoor dat luchtmassa’s nauwelijks kunnen doorstromen en het weerpatroon wekenlang kan vaststaan.

In het geval van de huidige hittegolf wordt hete Saharalucht door het anticyclonale (met de klok mee draaiende) luchtstroompatroon noordwaarts getransporteerd richting West-Europa. Terwijl die luchtmassa stijgt en daalt onder de hogedrukrug, wordt ze adiabatisch samengedrukt — een puur fysisch proces dat de temperatuur verder doet oplopen. Geen CO2 aan te pas.

Meteoroloog Chris Martz trekt aan de bel.

De Amerikaanse meteoroloog Chris Martz deelde zijn analyse van het huidige weerpatroon uitgebreid via sociale media. Zijn conclusie is helder: deze omegablokkade heeft niets te maken met klimaatverandering of uitstoot van broeikasgassen. Het is een bekende, goed gedocumenteerde weerdynamiek die altijd al heeft plaatsgevonden en ook in een hypothetisch pre-industrieel klimaat tot recordhitte zou hebben geleid.

Martz wijst bovendien op een opvallende wetenschappelijke paradox. Er bestaan namelijk diverse studies die suggereren dat opwarming van de Arctis juist zou leiden tot minder frequente blokkerende weerpatronen zoals de omegablokkade, omdat het temperatuurverschil tussen de evenaar en de poolgebieden kleiner wordt. Dat staat haaks op de bewering dat klimaatverandering dit soort hittegolven veroorzaakt of versterkt. Martz erkent dat er debat bestaat over dit onderwerp, maar de eenvoudige klimaatboodschap die media uitdragen, is sowieso te kort door de bocht.

Europa vaker getroffen, maar waarom eigenlijk?

Dan is er nog een toename van zonnestraling die het aardoppervlak bereikt, doordat er minder bewolking is van lage en middelmatige wolkenlagen. Die afname van bewolking hangt deels samen met de strenge Europese luchtvervuilingsregels, die hebben geleid tot minder atmosferische aerosolen. Minder deeltjes in de lucht betekent minder wolkenvorming, meer direct zonlicht en dus hogere oppervlaktetemperaturen.

Met andere woorden: de eigen Europese milieuregulering draagt bij aan de toegenomen hitte. Dat is een ongemakkelijke conclusie die je in de reguliere media zelden zult tegenkomen.

Media kiezen sensatie boven wetenschappelijke nuance

Denktank Clintel, vertegenwoordigd door wetenschapsjournalist Marcel Crok, onderschrijft de analyse van Martz. De conclusie is simpel: wie de oorzaak van de Europese hitte wil begrijpen, kan beter een meteoroloog raadplegen dan een krantenredactie die op zoek is naar een clickbait-verhaal.

Het is inmiddels een vast patroon: zodra het ergens warm is, wordt de link met klimaatverandering gelegd, vrijwel zonder nuance, zelden met meteorologische onderbouwing en al helemaal niet met verwijzing naar mogelijke alternatieve verklaringen. Dat is geen journalistiek — dat is activisme vermomd als wetenschap.
 
BLIKSEMS ZONDER REGEN IN PARIJS

🇫🇷 Vanavond heeft Parijs een « spektakel » bijgewoond van hevige elektrische onweersbuien… maar zonder de verwachte regen. Enorme bliksems, onophoudelijke donderslagen, en toch geen neerslag. De waarnemers laten zich niet misleiden: het gaat hier niet om een natuurlijk fenomeen.

Hier in Z-Vlaanderen ook vannacht. En vannacht één hele gekke koude rukwind. Het leek wel of alles beefde.
Trouwens de 'ouderwetse' onweersbuien, waarbij we de seconden telden tussen de flits en de donder; die zijn er ook niet meer.
 
Ik heb aan Grok gevraagd waarom de ene persoon zich makkelijker aanpast aan hoge temperaturen dan de ander. Dit is het antwoord:

Het verschil in warmteverdraagzaamheid tussen individuen is multifactorieel en wordt bepaald door een combinatie van fysiologische, genetische, omgevings- en levensstijlfactoren.

De meeste mensen kunnen zich aanpassen aan hitte, maar er bestaat variatie: ongeveer 4% van de bevolking wordt als hitte-intolerant beschouwd, terwijl de rest varieert afhankelijk van persoonlijke kenmerken.

Belangrijkste oorzaken​

Hieronder volgen de voornaamste factoren, gerangschikt van grotendeels niet-modificeerbaar naar meer beïnvloedbaar:

  • Leeftijd: Ouderen (boven ca. 60-65 jaar) en jonge kinderen hebben vaak een verminderde warmteverdraagzaamheid. Bij ouderen verslechtert de thermoregulatie door afname van cardiovasculaire functie, verminderde zweetproductie en tragere aanpassing aan temperatuurveranderingen.
  • Geslacht en lichaamssamenstelling: Vrouwen en personen met een hoger vetpercentage kunnen meer gevoelig zijn, omdat vetweefsel fungeert als isolatie en de warmteafgifte bemoeilijkt. Ook zijn er seksuele verschillen in zweetrespons en cardiovasculaire reactie.
  • Genetica: Genetische factoren verklaren een klein deel (ongeveer 5%) van de variatie in warmteverdraagzaamheid. Dit betreft onder meer genen die invloed hebben op thermoregulatie, zweetklieren, stresshormonen en celbescherming (bijv. heat shock proteins).
  • Fysieke conditie en aerobe capaciteit: Goede cardiovasculaire fitheid is een van de sterkste voorspellers van warmteverdraagzaamheid. Fitte personen hebben een efficiëntere bloedsomloop, betere zweetrespons en lagere kerntemperatuur bij inspanning. Lage fitheid verhoogt de gevoeligheid significant.
  • Acclimatisatie (aanpassing): Personen die regelmatig aan hitte worden blootgesteld (bijv. in warme klimaten of via training) ontwikkelen een betere tolerantie. Dit leidt tot een toename van bloedvolume, efficiëntere zweetproductie (meer en eerder zweten, met lager zoutgehalte) en betere cardiovasculaire stabiliteit. Dit proces duurt doorgaans 1-2 weken.
  • Gezondheid en medicatie: Aandoeningen zoals obesitas, hart- en vaatziekten, diabetes, multiple sclerose of schildklierproblemen kunnen de warmteafgifte verstoren. Bepaalde medicijnen (diuretica, bètablokkers, antihistaminica) verminderen zweetproductie of beïnvloeden de bloedsomloop.
  • Hydratatie, slaap en andere factoren: Uitdroging, slaaptekort en bepaalde voedingsmiddelen of alcohol verminderen de tolerantie tijdelijk. Kleding, activiteitsniveau en luchtvochtigheid spelen eveneens een rol (hoge luchtvochtigheid belemmert verdamping van zweet).

Praktische implicaties​

Warmteverdraagzaamheid is geen vaststaand kenmerk, maar een dynamische toestand. Door regelmatige blootstelling aan hitte in combinatie met lichamelijke activiteit (hitte-acclimatisatie) kan de meeste mensen hun tolerantie verbeteren, mits geen onderliggende gezondheidsproblemen aanwezig zijn.

Indien iemand structureel extreme klachten heeft bij matige hitte, is het verstandig medisch advies in te winnen om onderliggende oorzaken uit te sluiten.

Samenvattend berust het verschil vooral op een interactie tussen aangeboren factoren (leeftijd, genen, geslacht) en verworven/aanpasbare factoren (conditie, acclimatisatie en levensstijl). Dit verklaart waarom de ene persoon comfortabel is bij hoge temperaturen terwijl de ander snel oververhit raakt.
 

Forum statistieken

Onderwerpen
4.724
Berichten
638.953
Leden
8.715
Nieuwste lid
MatthewRat
Word vaste donateur van dit forum
Terug
Bovenaan