Sinds 2012 is de wolf na tweehonderd jaar afwezigheid terug in Denemarken. Inmiddels zijn er minstens 49 in het Scandinavische land. © ANP
’Populatiebeheer kan een deel van de oplossing zijn’
Ook Denemarken worstelt met de oprukkende wolf: ’Ik durf niet in mijn eigen bos te lopen’
Kopenhagen
Bas van Brecht
Minstens 49 volwassen wolven leven er inmiddels in Denemarken, verdeeld over zeven roedels. Daarnaast
zijn er nog drie wolvenparen, waardoor onderzoekers verdere groei verwachten.
Ze lopen rond op Jutland, het Deense vasteland dat aan Duitsland grenst. De eerste wolf verscheen daar in 2012, drie jaar voordat deze in Nederland aankwam. Maar het duurde tot 2021 voordat de wolf een vaste plek in het landschap veroverde.
’Durf niet meer in mijn eigen bos te lopen’
„Vijf jaar geleden zagen we voor het eerst een voetspoor op ons weiland. We hebben ze ook op onze wildcamera gezien. Sindsdien durf ik niet meer in mijn eigen bos te lopen”, zegt de Nederlandse Mieke, die sinds 1998 in Denemarken woont met haar Deense man.
Ze heeft haar vredige woonplek zien veranderen in wolvengebied. Haar angst is extra aangewakkerd door een reeks recente incidenten met wolven die pony’s en schapen doodden, en het advies om jonge kinderen in delen van West-Jutland niet alleen door de natuur te laten lopen.
„Hier verderop zit een Nederlandse boer met schapen. Hij zegt ook: iedere ochtend als ik opsta, is er de angst: hoe ziet het eruit als ik naar mijn schapen ga?”, vertelt Mieke, die in de buurt op een kleuterschool werkte. „Daar mochten de kinderen vroeger vrij in het bos spelen, maar dat durft de school nu niet meer aan. Wat moet je doen als er een wolf aankomt en je daar staat met 35 kinderen?”
Subsidie voor wolfwerende hekken
De grootste onrust ontstond aan de Deense westkust, waar geschikt wolvengebied overlapt met vakantiehuisjes, militair terrein en toerisme. In een poging de oprukkende wolf een halt toe te roepen, keerde de Deense overheid forse subsidies uit voor wolfwerende hekken.
„Eigenlijk vind ik dat iets heel verkeerds”, zegt Mieke. „Eerst hadden we een hekje, omdat we niet wilden dat een dier eruit springt, nu om te zorgen dat er niets binnenkomt. Het voelt alsof we onszelf helemaal moeten beschermen.”
Nog nooit een wolf geschoten
De Deense man van Mieke is jager, maar heeft nog nooit een wolf geschoten. In Denemarken gaat er voor jagers en dierhouders binnenkort wel het nodige veranderen. Vanaf 1 juli mogen mensen met een jachtakte onder voorwaarden een wolf schieten die achter een wolfwerend hek bij vee is binnengedrongen, zonder aparte vergunning of waarschuwingsschot.
Te laat en onvoldoende wetenschappelijk onderbouwd, zo stelt hoogleraar Peter Sunde van de afdeling Ecoscience aan de Universiteit van Aarhus.
„Denemarken was te traag met de voorbereiding op deze situatie. We hebben ze gewaarschuwd. Nu roepen verschillende politici dat ze de wolf hier niet willen. Dat is niet erg nuttig, want EU-wetgeving bepaalt dat je ze niet zomaar kunt verwijderen.”
Hoogleraar Peter Sunde van de afdeling Ecoscience aan de Universiteit van Aarhus.
Nu de wolvenpopulatie toeneemt, roeren verschillende politici zich nadrukkelijk in het hoogopgelaaide wolvendebat. Sunde vermoedt dat ze vooral de bevolking willen laten zien dat ze niet bang zijn om hard op te treden tegen wolven als die zich niet goed gedragen. „Er zijn afschotvergunningen afgegeven die tegen wetenschappelijk advies ingaan”, zegt hij.
’Echt beheerplan ontbreekt’
Sunde stoort zich er vooral aan dat een echt beheerplan ontbreekt. Landen als Zweden en Noorwegen hebben volgens hem een veel strakker en wetenschappelijker onderbouwd systeem.
„Dat hebben we hier niet. Niemand heeft een politieke strategie voor wolven, daarom is er nu zoveel debat en discussie”, zegt de professor, die eerst een duidelijke vraag beantwoord wil zien. „Wat wil je bereiken? Wil je het aantal problemen verminderen, of wil je het aantal wolven verminderen?”
In Denemarken zouden nu ongeveer vijftig wolven zijn. © ANP
Alleen het verminderen van het aantal wolven lost de problemen volgens hem niet automatisch op. „Je moet investeren in preventieve maatregelen. Het terugbrengen van de populatie tot een minimumniveau levert misschien minder op dan het investeren in preventieve maatregelen.”
’Populatiebeheer kan deel oplossing zijn’
De wolvenonderzoeker schetst dat het afschieten van de dieren onder bepaalde omstandigheden tot het pakket maatregelen kan behoren. „Het is niet dat we onvoorwaardelijk met de wolven moeten leven. Populatiebeheer kan een deel van de oplossing zijn. Bijvoorbeeld als jonge wolven aan mensen gewend zijn geraakt doordat ze zijn gevoerd. En zeker op plekken waar het zeer ongewenst is dat de wolf zich vestigt, zoals gebieden met veel vee of toeristen.”
In het huidige tempo en zonder aanvullende maatregelen verwacht Sunde dat de wolvenpopulatie in Denemarken verder groeit. Biologisch acht hij twintig roedels realistisch en dertig niet vergezocht. Omgerekend kan dat op termijn richting de tweehonderd wolven gaan.
’Beteugelen edelhertenpopulatie’
„We hebben meerdere plekken waar nog geen wolven zijn, maar die daar wel geschikt voor zijn”, zegt Sunde. Dat hoeft volgens hem niet alleen negatief te zijn. Hij ziet ook een ecologische functie: wolven kunnen helpen de groeiende edelhertenpopulatie te beteugelen.
Volgens Sunde staat Denemarken momenteel op een tweesprong. „We kunnen een plan krijgen met beheer dat werkt, met een gecontroleerde populatie en preventieve maatregelen. Of we krijgen een anarchistisch scenario met veel irritatie, wantrouwen in het beheer en massaal illegale afschot. Dat zijn twee uitersten. Waar we gaan uitkomen weet ik niet, het kan beide kanten op.”