Medusa
Well-known member
Column: De politicus met een oortje
Max von Kreyfelt
Iedere politicus die zich achter de schermen door de AIVD of NCTV laat sturen, verraadt zijn democratische opdracht.
Juridisch zal dat niet onmiddellijk landverraad heten. Daarvoor bestaan wetsartikelen en juristen die zelfs een staatsgreep nog kunnen omschrijven als onzorgvuldig bestuurlijk overleg. Politiek en moreel ligt het eenvoudiger.
Een volksvertegenwoordiger vertegenwoordigt het volk. Niet een veiligheidsdienst. Niet een dreigingsanalist, of een anonieme ambtenaar die in een besloten briefing uitlegt welke partij, journalist of burger als “risico” moet worden beschouwd.
Politici mogen worden geïnformeerd over concrete bedreigingen. Daarvoor bestaan inlichtingendiensten. Maar informeren is iets anders dan dirigeren. Zodra een politicus zijn koers of tegenstanders laat bepalen door diensten buiten het zicht van de kiezer, verandert hij van volksvertegenwoordiger in buikspreekpop.
De kiezer ziet een Kamerlid. Achter het gordijn zit de hand.
Het begint beschaafd. Een vertrouwelijk gesprek. Een zorgelijke analyse. Een map met rode markeringen. Daarna wordt een partij niet meer als politieke concurrent behandeld, maar als veiligheidsprobleem. Kritische burgers worden mogelijke radicalen. Onafhankelijke media veranderen in verspreiders van desinformatie.
De politicus helpt graag mee. Omdat een etiket van de veiligheidsdiensten politiek praktisch is, niet omdat het gevaar bewezen is, Tegen een tegenstander moet je debatteren. Een staatsgevaarlijke extremist hoef je alleen nog uit te sluiten.
Zo wordt politieke concurrentie administratief ontsmet.
De AIVD en NCTV behoren de democratische rechtsorde te beschermen. Niet te bepalen welke democratische uitkomst wenselijk is. Zodra veiligheidsdenken wordt gebruikt om verkiezingen, partijvorming of het publieke debat heimelijk te beïnvloeden, beschermen de diensten de democratie niet meer. Dan wordt hun optreden zelf ondermijning.
Een politicus die daaraan meewerkt, kan zich niet verschuilen achter “nationale veiligheid”.
De loyaliteit van een gekozen politicus hoort zichtbaar en controleerbaar te zijn. Zijn argumenten moeten openbaar kunnen worden bestreden. Zodra zijn werkelijke instructies uit vertrouwelijke kamers komen, wordt het parlement decor en de verkiezing een castingronde voor goedgekeurde figuranten.
Dan regeert niet het volk, maar het dossier.
Noem het beïnvloeding, samenwerking of bestuurlijke weerbaarheid. Noem het een strategische dialoog met koffie en beveiligde notulen. Wanneer een politicus zich laat inzetten om ongewenste partijen of burgers buiten het democratische speelveld te drukken, pleegt hij verraad aan zijn mandaat.
Niet ieder gesprek met een veiligheidsdienst is landverraad.
Maar iedere politicus die zijn kiezer inruilt voor een onzichtbare opdrachtgever, heeft het land al verraden voordat een rechter er een wetsartikel bij vindt.
Max von Kreyfelt
Iedere politicus die zich achter de schermen door de AIVD of NCTV laat sturen, verraadt zijn democratische opdracht.
Juridisch zal dat niet onmiddellijk landverraad heten. Daarvoor bestaan wetsartikelen en juristen die zelfs een staatsgreep nog kunnen omschrijven als onzorgvuldig bestuurlijk overleg. Politiek en moreel ligt het eenvoudiger.
Een volksvertegenwoordiger vertegenwoordigt het volk. Niet een veiligheidsdienst. Niet een dreigingsanalist, of een anonieme ambtenaar die in een besloten briefing uitlegt welke partij, journalist of burger als “risico” moet worden beschouwd.
Politici mogen worden geïnformeerd over concrete bedreigingen. Daarvoor bestaan inlichtingendiensten. Maar informeren is iets anders dan dirigeren. Zodra een politicus zijn koers of tegenstanders laat bepalen door diensten buiten het zicht van de kiezer, verandert hij van volksvertegenwoordiger in buikspreekpop.
De kiezer ziet een Kamerlid. Achter het gordijn zit de hand.
Het begint beschaafd. Een vertrouwelijk gesprek. Een zorgelijke analyse. Een map met rode markeringen. Daarna wordt een partij niet meer als politieke concurrent behandeld, maar als veiligheidsprobleem. Kritische burgers worden mogelijke radicalen. Onafhankelijke media veranderen in verspreiders van desinformatie.
De politicus helpt graag mee. Omdat een etiket van de veiligheidsdiensten politiek praktisch is, niet omdat het gevaar bewezen is, Tegen een tegenstander moet je debatteren. Een staatsgevaarlijke extremist hoef je alleen nog uit te sluiten.
Zo wordt politieke concurrentie administratief ontsmet.
De AIVD en NCTV behoren de democratische rechtsorde te beschermen. Niet te bepalen welke democratische uitkomst wenselijk is. Zodra veiligheidsdenken wordt gebruikt om verkiezingen, partijvorming of het publieke debat heimelijk te beïnvloeden, beschermen de diensten de democratie niet meer. Dan wordt hun optreden zelf ondermijning.
Een politicus die daaraan meewerkt, kan zich niet verschuilen achter “nationale veiligheid”.
De loyaliteit van een gekozen politicus hoort zichtbaar en controleerbaar te zijn. Zijn argumenten moeten openbaar kunnen worden bestreden. Zodra zijn werkelijke instructies uit vertrouwelijke kamers komen, wordt het parlement decor en de verkiezing een castingronde voor goedgekeurde figuranten.
Dan regeert niet het volk, maar het dossier.
Noem het beïnvloeding, samenwerking of bestuurlijke weerbaarheid. Noem het een strategische dialoog met koffie en beveiligde notulen. Wanneer een politicus zich laat inzetten om ongewenste partijen of burgers buiten het democratische speelveld te drukken, pleegt hij verraad aan zijn mandaat.
Niet ieder gesprek met een veiligheidsdienst is landverraad.
Maar iedere politicus die zijn kiezer inruilt voor een onzichtbare opdrachtgever, heeft het land al verraden voordat een rechter er een wetsartikel bij vindt.
