Onze auto's, kleding en huizen moeten sneller vergroenen: 'Nu is het moment'
Emma van Bergeijk
Klimaatverslaggever
26 mrt 2026
De economie vergroenen is een belangrijke klimaatoplossing. In 2050 moeten zoveel mogelijk materialen kunnen worden hergebruikt. De overheid heeft werk te doen, zeggen wetenschappers. Maar uiteindelijk zullen we zelf ook minder spullen moeten gaan gebruiken.
Welke kleding we dragen, welke auto we rijden of in wat voor huis we wonen: het zijn allemaal dagelijkse keuzes waarvoor materiaal nodig is. De spullen die we gebruiken zijn momenteel verantwoordelijk voor 40 procent van de totale Nederlandse klimaatimpact. De productie van plastic, staal, textiel en beton stoot namelijk veel broeikasgassen uit. De totale voetafdruk van die producten komt neer op 90 miljoen ton CO2. Dat is meer dan alle fabrieken van Nederland samen uitstoten.
Tegelijkertijd blijft de vraag sinds 2010 alleen maar toenemen, schrijft de Wetenschappelijke Klimaatraad aan het kabinet in het
adviesrapport Circulair Versterkt. Ons verlangen naar materialen is niet alleen vervuilend, maar maakt ons volgens de onderzoekers ook afhankelijker van het buitenland. Daar komt het grootste gedeelte van die spullen namelijk vandaan.
Een circulaire economie moet daar verandering in brengen. Dat is het tegenovergestelde van een wegwerpmaatschappij. In zo'n wereld wordt afval waar mogelijk voorkomen: je oude laptop kan terug op de markt komen in de vorm van een broodrooster. Tegelijkertijd zouden veel minder spullen worden gebruikt.
Volgens de wet moet Nederland in 2050 volledig circulair zijn, maar experts zeggen dat dit niet haalbaar is. Er is meer en samenhangend beleid nodig. "Er gebeurt al veel, maar het is nog niet genoeg om verschil te maken", zegt Kornelis Blok van de Klimaatraad. Hij is emeritus hoogleraar energiesystemen aan de TU Delft. "Als er één moment is om dat te veranderen, dan is dat nu."
Onafhankelijk van het buitenland
We bewegen dus naar een economie waarin spullen opnieuw worden gebruikt in plaats van dat ze uit het buitenland komen. Dat is beter voor het klimaat, maar versterkt ook de strategische positie van Nederland. Oftewel, de onafhankelijkheid van andere landen.
Als voorbeeld noemt Sanne Akerboom van de Klimaatraad de hoge benzineprijzen door de oorlog in het Midden-Oosten. "Hoe minder we afhankelijk zijn van grondstoffen, hoe minder risico we lopen op zulke prijsschokken", zegt de energietransitie-expert. Daarvoor moet de overheid wel naar de lange termijn blijven kijken en niet alleen teruggrijpen naar noodmaatregelen, denkt zij.
Materialen efficiënter gebruiken, hergebruiken of recyclen, biedt bovendien kansen voor Nederlandse bedrijven en start-ups om nieuwe technologieën en producten te maken.
Huizen, auto's en kleding kunnen veel groener
Een van de belangrijkste vragen waar de wetenschappers naar keken was: hoe kunnen we onze behoeftes blijven vervullen, maar dan met minder spullen? Daarvoor is het belangrijk dat we slimmer omgaan met materialen, duurzamer produceren én meer hergebruiken. De Klimaatraad focust op de materialen die we gebruiken in ons dagelijks leven, zoals voor auto's, kleding, verpakkingen of woningen.
In de bouw kunnen bijvoorbeeld meer duurzame materialen zoals hout worden gebruikt. Ook kunnen woningen worden gesplitst of juist 'opgetopt', waardoor één of meer verdiepingen op een bestaand gebouw worden geplaatst. Dat scheelt 50 procent van de uitstoot van nieuwbouw.
En hebben we echt allemaal een auto nodig? De verkoop van nieuwe auto's zorgt jaarlijks voor zo'n 6,5 megaton CO2-uitstoot. "We gebruiken steeds meer auto's, en die worden ook steeds groter en zwaarder", ziet Blok. "Maar ze staan het grootste deel van de tijd stil. Daar moet iets effectievers mogelijk zijn." De wetenschappers komen met oplossingen als kleinere en modulair gebouwde auto's, deelvervoer, betere ov en bereikbaarheid, en het aanmoedigen van de fiets.
Ook een kwestie van consuminderen
Uiteindelijk is het ook een kwestie van minder consumeren. De wetenschappers halen het voorbeeld van textiel aan: Nederlanders kopen gemiddeld 54 kledingstukken per jaar, terwijl het gros nauwelijks wordt gedragen. En we zijn niet de enigen, want sinds 2000 is de wereldwijde consumptie van kleding ruim verdubbeld.
De wetenschappers stellen voor om tweedehands kleding (financieel) aantrekkelijker te maken dan nieuwe, snel geproduceerde en goedkope mode. Daarvoor kan de overheid kortingsvouchers voor de kringloop in het leven roepen. In het advies worden ook maatregelen genoemd tegen
fast fashion, zoals invoerheffingen.
Wat het kabinet met de adviezen gaat doen, hangt volgens de experts af van de rechtvaardigheid van de maatregelen. Bepaalde producten kunnen hierdoor duurder worden. Daar moet het kabinet rekening mee houden, benadrukt de Klimaatraad. Die ziet dat mensen graag
duurzamer willen leven, maar daarin vaak worden beperkt door de kosten ervan.
"Dit gaat veel van ons vragen", zegt Akerboom. "Dus we moeten het toegankelijk maken en compenseren waar dat nodig is."