Verschil in glas????

Forum Forums Vragen over voeding en gezondheid Verschil in glas????

Dit onderwerp bevat 15 reacties, heeft 9 stemmen, en is het laatst gewijzigd door  simone 5 jaren, 7 maanden geleden.

15 berichten aan het bekijken - 1 tot 15 (van in totaal 16)
  • Auteur
    Berichten
  • #1440

    simone
    Bijdrager

    Hout en glas en natuurrubber vind ik het beste om in de keuken te gebuiken mits niet bewerkt en daarna komen de ongiftige metalen maar ik vraag me toch af of al het glas wel goed is en of er geen verschil in zit.

    Je hebt doorzichtig glas, groen en ultraviolet glas wat ook het beste is om dingen in te bewaren maar laatst wou ik een blender kopen voor smoothies te maken.

    De prijs was goed, fijne opties en waar ik voor ga is de kan is van glas met op de bodem rvs mesjes dus deze leek me wel geschikt maar nu zat er ook een model tussen met silicium glas wat beter bestand moet zijn tegen hogere temperaturen.

    Glas kan ook verschillende ingrediënten hebben en nu vraag ik me dus denk ik wel terecht af of wel al het glas goed is en waar kan ik dit beter vragen als op deze forum.

    #51315

    Webmaster
    Bijdrager

    Het lijkt mij dat alle glas goed is. Als glas wordt versterkt met silicium lijkt me dat zelfs een meerwaarde!

    Mike

    #51316

    Anoniem

    Bij de Blokker hebben ze bewaarkommen in verschillende groottes van glas, weliswaar met plastic deksel maar daar ligt het natuurlijk niet op.

    #51317

    Anoniem

    Dus eigenlijk zijn plastic bakjes enzo niet goed om dingen in te bewaren?

    #51318

    simone
    Bijdrager

    Dan lijkt dus het motto stick to glass, wood or rubber.

    Klei is ook goed.

    #51319

    ruud
    Bijdrager

    Volgens mij is plastic vooral lastig als je er warme dingen in stapt.

    Koud valt het volgens mij nog wel mee.

    En hoe harder het plastic, hoe minder weekmakers erin zitten die kunnen afgeven.

    #51320

    simone
    Bijdrager

    Lievergezond klopt maar niet helemaal.Ik heb een mooi stuk van Bart ontvangen wat ik jullie niet wil onthouden, ik kan zelf ook iets schrijven maar hij fomuleert het zo mooi:

    Wilt u het in een papieren of een plastic zak?”, vraagt het meisje.

    Valse schijn, die bruine papieren zakken. Er zit een strook plastic in

    zodat je je brood kunt zien. Milieuvriendelijk is het wederom niet.

    Landbouwareaal gebruik je best om hoogwaardige gewassen te verbouwen .

    Verpakkingsmateriaal is laagwaardig, net zoals als (bio-)brandstof.

    Dus kies ik weer voor plastic. Hiermee kan ik het brood ook invriezen

    en droogt het niet uit. Mijn brood wordt zo 100% gegeten. Plastic is

    fijn, al zijn niet alle toepassingen om enthousiast over te worden.

    Natuurlijk worden er veiligheidsnormen voor kunststoffen bepaald door

    commissies ingesteld door de overheid. De toelatingsorganen worden

    nogal eens bevolkt door deskundigen die (ook) industriële belangen

    dienen. Of de uiteindelijke normen en wetten worden gehandhaafd is ook

    nog maar de vraag. Met de invoering van marktwerking is steeds vaker

    een klacht nodig voor enige controle van wat er in de praktijk

    gebeurt. Dat onderstreept weer eens onze eigen verantwoordelijkheid

    bij het maken van keuzes. Zelfredzaamheid dus.

    Ik voelde me geroepen om een uitleg te geven over plastics en

    kunststoffen. Als HTS’er chemische technologie studeerde ik af met

    ‘kunststoffen’ als keuzevak in 1992. Daarmee geef ik grenzen van mijn

    kennis aan: bovengemiddeld en beperkt. Aanvulling is welkom.

    Wat is plastic?

    Plastic is gemaakt van polymeren, lange ketens van moleculen die aan

    elkaar zijn geregen via chemische reacties. Dat rijgen gebeurt in de

    chemische industrie en in de natuur. Cellulose is een natuurlijk

    polymeer. De industrie maakt zulke stoffen op verschillende manieren

    uit monomeren, de kleine bouwstenen van de ketens. Polyethyleen voor

    zakken wordt van bijna alleen etheen (ethyleen) gemaakt. ABS voor Lego

    wordt van drie verschillende stoffen vervaardigd.

    Als het polymeer is gemaakt dan is het soms al geschikt voor

    verwerking. Vaak komen er dan nog additieven bij zoals pigmenten,

    weekmakers, stabilizatoren, vulstoffen en/of vlamvertragers. Als de

    kunststof compleet is en klaar voor verwerking tot een eindprodukt dan

    heet het een compound.

    Plastics worden op uiteenlopende manieren verwerkt en voor diverse

    toepassingen. Dat maakt ze duur of goedkoop. Vandaar de diverse

    soorten, al komen we om ons heen dikwijls dezelfde plastics tegen.

    Kunststoffen die je kunt smelten heten thermoplasten. Thermoharders

    daarentegen maak je maar één keer, zoals bakeliet. Bij thermoharders

    zijn de lange polymeren overbrugd en wordt het een netwerk. Dat doen

    ze bij rubbers meestal ook en dan heet het vulcaniseren. Die kan je

    dan ook niet meer smelten. Elastiekjes zijn natuurlijk rubber zonder

    enige toevoeging.

    Blootstelling aan plastics

    Sommige plastics kunnen onder omstandigheden stoffen loslaten

    (migratie) waar we niet gezonder van worden en de natuur net zo min.

    Voor ik het overzicht geef van de soorten plastics loop ik even wat

    termen door die in deze uiteenzetting voorkomen. De woorden zijn

    bruikbaar bij Scrabble en ik hoop dat je ze kunt onthouden.

    Xeno-oestrogeen (pseudo-hormonen): Er zijn een aantal kunstmatige

    stoffen die zich gedragen als hormoon, met name het vrouwelijk hormoon

    oestrogeen. Híer krijg je nou letterlijk tieten van. Het is niet voor

    niks dat mannetjes in de natuur soms moeilijk te herkennen zijn en

    niet meer als zodanig functioneren. Zorgelijk. Deze stoffen verstoren

    nog andere processen in ons lichaam en kunnen ons ziek maken (kunnen).

    Bisfenol-A (Bisphenol-A, BPA ) is zo’n stof. Deze zit op thermische

    kassabonnetjes en in epoxyhars. Verder staan zogeheten ‘ftalaten’

    bekend als xeno-oestrogeen. Deze ftalaten komen voor als weekmakers

    (voor PVC) en in PET-flessen als monomeer. Ftalaten vertrouw ik geen

    van allen, ook niet het veilig verklaarde DIDP. Weekmakers in het

    algemeen hoef je overigens niet als boosdoenders te zien. Er zijn ook

    onschuldige types.

    Vlamvertragers : Electronica als computers wordt voorzien van

    broomhoudende vlamvertragers. Deze stoffen zijn giftig en breken niet

    makkelijk af in de natuur. Als je televisie in brand staat dan zou ik

    de rook niet inademen. Dat geldt voor meer plastic en rubber.

    Monomeren: Dit zijn de bouwstenen van de polymeren, de ketens. Dat er

    monomeren in de plastic achterblijven is geen verrassing. Ze zijn niet

    persé ongezond. Vaak wel. Een co-monomeer is een stof die ‘ook’ mag

    meereageren om het polymeer iets andere eigenschappen mee te geven. Zo

    wordt er wel een beetje etheen gebruikt bij het maken van polypropeen.

    De bekende kunststoffen

    Hier geef ik een overzicht van de plastics die je zo gemiddeld op een

    dag tegenkomt, met name die soorten waar we het meeste contact mee

    maken. Daarom leg ik meer nadruk op voeding gerelateerde plastics.

    Polyethyleen (Polyetheen, PE, HDPE, LDPE, LLDPE): Waar zouden we zijn

    zonder polyetheen? Het wordt gebruikt voor folie en zakken, bakjes,

    snijplanken en dopjes van lijmtubes. Je kunt het niet lijmen. PE voelt

    glad aan. Ik beschouw dit als een schone plastic omdat je het van

    etheen kunt maken. Etheen komt voor in fruit (bananen). Er wordt

    echter ook buteen en hexeen gebruikt als co-monomeer (tot 10%) om de

    mechanische eigenschappen te veranderen. Beide stoffen zijn langere

    varianten op etheen en beschouw daarom polyetheen als schone

    kunststof. PE maakt zo’n 29% van alle plastic uit.

    Polypropyleen (Polypropeen, PP): Deze plastic lijkt erg op PE maar is

    (nog) minder breekbaar. Je kunt er zelfs (oranje) touw mee maken of

    kunstpapier (overalls). Veel bakjes zijn van PP. Etheen is soms een

    co-monomeer. PP maakt 19% van de markt uit.

    Nylon (polyamide, PA): Dit is een sterke soort, geschikt als vezel en

    bekend van textiel, vislijn en tandenborstelharen. Het wordt ook veel

    in andere vormen verwerkt, zoals tot hamers, schroeven of lagers in

    keukenmachiners (zonder smering). Nylons zijn er (ook) in

    verschillende soorten zoals: nylon 6, nylon 12, nylon 6.6. Nylon was

    de merknaam voor polyamide. Ik beschouw het als een schone soort.

    Polystyreen (PS): Dit is de plastic van de champignonbakjes,

    koffiebekertjes en piepschuim. Het kan mooi glashelder worden gebruikt

    en is dan breekbaar (CD-doosjes). Als doorzichtigheid niet belangrijk

    is laat men er wel 4-8% van een rubbersoort laat meereageren. Daarvoor

    kán SBR (styreen-butadieen rubber) of butadieenrubber worden gebruikt.

    Al deze stoffen vind ik wat minder schoon.

    ABS (acrylonitril-butadieen-styreen): dit is een sterk co-polymeer

    waarvan ze Lego, telefoons en autointerieuren maken. Door met de drie

    componenten te variëren ontstaan hardere of flexibelere soorten. ABS

    kom je in de keuken haast niet tegen. ABS voor Lego is overigens extra

    gecontroleerd op monomeren. Mijn broodtrommel is misschien van ABS.

    Polyvinylchloride (PVC, ‘vinyl’ ): Een hit. We vinden PVC op de vloer,

    kunstleer, in opblaasbaar speelgoed, leidingen, tuinslangen, kozijnen

    en laminaat. Het is sterk en laat zich makkelijk verwerken. Het is als

    verpakking (blister, folie en fles) min of meer uitgebannen nadat het

    gelinkt werd aan uitstoot van dioxines bij verbranding. Slecht

    gefundeerd . Werkelijke risico’s kwamen niet in beeld. Vinylchloride

    monomeer is geen lievertje. Op stortplaatsen controleert men de

    concentraties van deze stof, weet ik van een milieubeurs in Engeland.

    Wat meer in het nieuws komt zijn de problemen rond de weekmakers,

    ftalaten als DOP (dioctylphtalaat). Zonder weekmaker is PVC veel te

    bros en dus wordt het erin gemengd. Het punt is: het kruipt er ook

    weer uit. Dat kan zo bont zijn dat plastic een ‘vetlaag’ krijgt zoals

    ik onlangs merkte bij een USB-kabel. Oud kunstleer gaat hierom ook

    scheuren. Die weekmakers krijgen we zo in ons lichaam,

    xeno-oestrogenen. Je hoeft zelf geen geslachtelijke verandering

    vrezen. Ons kroost loopt meer risico. Ik ben dus niet dol op PVC in

    het algemeen.

    Polyetheenterephtalaat (PETP, PET, PETE ): Deze kennen we goed als de

    PET fles of blisterverpakking. Het is een sterke kunststof, mooi

    helder en goed te recyclen (tot fleece truien). Hoeveel ftalaat er in

    het flessenwater kruipt vraag ik me af. Het massale in-vitro

    experiment is gaande, aangezien praktisch alle frisdrank in PET wordt

    verpakt. Ik ben niet dol op PET voor voedsel.

    Polycarbonaat (PC ): Dit is een vrij dure en supersterke plastic voor

    helmen, CD’s, lagen in kogelvrij glas en zuigflessen . Daar is nu wat

    om te doen: BPA. Bisfenol-A komt vrij uit de plastic, een

    xeno-oestrogeen. Polycarbonaat komt nog regelmatig terug als plastic

    voor voedsel. M’n keukenmachine heeft een bak van PC en de mooiere

    festivalbekers voor wijn en bier hebben het stempel ‘PC’ ook vaak op

    de onderkant. PC en voedsel: liever niet.

    PTFE (Teflon, polytetrafluoretheen): Dit plastic is glad, reageert

    niet (inert) en kan goed tegen hitte. Vandaar dat het aan de

    binnenkant van een tostiapparaat zit als anti-aanbaklaag. Daar zie ik

    niets mis mee. De temperatuur is goed geregeld. Iets anders is het als

    de consument (kijk uit, daar is ie weer) z’n pannetje op het gas

    opstookt. Dan kan de anti-aanbaklaag wél tot ontleding komen. In de

    koude oorlog deden spionnen soms Teflon in de tabak van een cigaret.

    De effecten waren dodelijk, naar verluid. Dus zie hier de grenzen van

    PTFE.

    Polyester: Als één term verwarrend is, dan is polyester het wel. Onder

    polyester worden verschillende plastics geschaard: PET, verfhars,

    polyurethaan (PU, sponsjes, matrassenschuim) en het materiaal voor

    boten. Dat laatste wordt met styreen en glasvezel in de uiteindelijke

    vorm gebracht. Dat doe je wellicht niet dagelijks. Het polyurethaan

    schuim is boosdoener bij brand en creëert zeer giftige rook. De

    monomeren zijn ook niet gezond. Maar goed, ik zie meer voordeel dan

    nadeel.

    Rubbers: Natuurlijk rubber vindt je in elastiekjes. Voor autobanden

    wordt het met een stoet aan stoffen bewerkt, veelal giftige stoffen

    getuige de beroepsziekten. Het rubber in de keuken is anders. M’n

    ijsblokjesbakjes zijn van een styreen-etheen/butadieen-styreen rubber.

    Hittebestendige cakevormpjes zijn van siliconenrubber gemaakt en

    kunnen 230ºC verdragen. Ik kan er geen kwaad in ontdekken al verkies

    ik blik.

    Thermoharders: Het campingservies is vaak van melamine-formaldehyde .

    Het is vrij hard en smelt niet. De samenstelling is me niet bekend.

    Deze kunststof leent zich niet voor verhitting. Een andere

    thermoharder is Bakeliet, een oude plastic die we kennen van doffe,

    zwarte telefoons. Ureum-formaldehyde wordt wel verwerkt als bindmiddel

    in alom vertegenwoordigd spaanplaat. Dat monomeer formaldehyde komt er

    dan nog langzaam uit en is ongezond, dus goed luchten. Formaldehyde is

    de stof van ‘sterk water’, waarin organen in een museum eeuwig goed

    blijven.

    Folie: De gewone folie is van PE of PP. Bakjes van magnetronmaaltijden

    en andere voedingsbakjes zijn afgesloten met een folie die vaak in

    lagen is opgebouwd. De bedoeling is om daarmee te voorkomen dat er

    stoffen doorheen gaan. Onderschat dat niet. Plastic laat gassen door.

    Kijk maar naar een vergeten fles cola: geen prik meer (CO2). De folie

    is daarom opgebouwd in laagjes van verschillende plastics. De laag die

    contact met voedsel maakt is PE, zo werd me uitgelegd. Niets mis mee

    dan. Ik maak me dus geen zorgen om zakken en folie.

    Coatings: Blik en aluminium wordt veel gecoat met een laagje plastic.

    Daarmee voorkom je corrosie (roest) want voedsel is vaak zuur. Door de

    hond of door de kat? Blik wordt inmiddels aangewezen als bron van

    Bisfenol-A vanwege de coating. Dit behoeft verdere studie. Ik kom daar

    graag later op terug. Misschien in het commentaar.

    Wie de smaak te pakken heeft kan nog meer lezen op Wikipedia .

    Gebruiksomstandigheden en hergebruik.

    Veel mensen hergebruiken plastic. Zo worden porties van de soep of

    hachee in een yoghurtbakje of de ijsbak gedaan voor later gebruik.

    Oppassen geblazen. Migratie van stoffen uit de plastic naar het

    voedsel verloopt makkelijker bij hogere temperaturen. Let bijvoorbeeld

    maar op geuren die je ruikt als plastic warm wordt. Die geuren komen

    van stoffen. Onschuldig of niet: wie zal het zeggen? Het is dus ook

    geen geweldige praktijk om je plastic bierglas te vullen met hete

    koffie. Buiten warmte/hitte kunnen sommige stoffen migratie

    bevorderen: alcohol, zuur, vet of olie. Een plastic is dus in principe

    gemaakt voor omstandigheden die je niet zo maar kan wijzigen.

    Herkenning van kunststoffen.

    Tegenwoordig is veel kunststof te herkennen aan een recyclingcode .

    Hiermee leer je ze herkennen. Daar kan je een spel van maken. Je kunt

    er nog verder mee gaan en proefjes doen. Op verzoek wil ik daar wel

    wat van uitleggen op voorwaarde dat je me een foto stuurt van het

    practicum.

    Concluderend:

    De verschillen in kunststoffen zijn groot. Hun geschiktheid hangt af

    van de toepassing en omstandigheden. We zijn beter in staat hier

    keuzen in te maken als we kunststoffen leren (her-)kennen. En er zijn

    nog tal van andere materialen die we ook nog hadden: glas, emaille,

    keramiek en metaal.

    Wederom hoeven we de risico’s niet te overschatten. Wie goed in z’n

    vel zit zal niet snel iets overkomen. Dat is een overtuiging waar je

    baat bij hebt.

    alle monomeren die migreren van plastiek in voeding zijn ongezond. Zelfs miljoenste deeltjes kunnen de hormoonbalans verstoren en kunnen kanker veroorzaken.

    pfoa’s is één bepaalde groep…monomeren zijn veel breder dan dat…

    alle plastiek is ongezond als drager voor voeding.

    Alle voeding en drank trekt monomeren uit plastiek…maar vooral vet !!! Dus nooit vette voeding of drank zoals olie, kaas, chocolade en smeerpasta’s in plastiek…

    Zeker nooit magnetron of verwarmen in gelijk welke kunststof ook al is deze zogezegd bestand ertegen.

    migratie van plastiek in voeding..google en je vind info in verschillende talen

    tijd van migratie ?

    Van zodra er contact is, start de migratie….natuurlijk is dit weinig maar besef ook dat zeer kleine deeltjes schadelijk zijn.

    Volledig voorkomen kan niet meer… bewust verminderen wel. En gelukkig kan het lichaam ook ontgiften… maar er zijn limieten aan de hoeveelheid.

    Hoe ouder de plastiek, hoe sneller migratie plaats vind.

    Hoe vetter de voeding hoe sneller migratie plaatsvind.

    Hoe warmer de omgevingstemperatuur hoe sneller migratie plaats vind.

    hoe langer blootgesteld, hoe meer migratie plaatsvind

    uv stralen van de zon, versnellen de migratie want doen plastiek afbreken….

    etc…

    violet glas is beter om de houdbaarheid van producten te verlengen/bewaren. Wij gebruiken violet glas voor onze lichaamsverzorging. Dit glas is heel duur. Kost 3 tot 5 maal duurder als bruin , groen of wit glas. Wat betreft migratie is er geen enkel probleem met wit glas. glas migreert niet in voeding.

    Plastiek degenereert in steeds kleinere deeltjes…uiteindelijk komt plastiek in de lucht terecht, in de zee of in de grond. Een ongezonde wereld brengt ongezonde mensen voort.

    #51321

    ruud
    Bijdrager

    @ Haluk: leerzaam stuk tekst idd! Dank!

    Hoe vervoer jij je melk die je bij de boer haalt?

    #51322

    E123
    Bijdrager
    #51323

    simone
    Bijdrager

    Janse,

    Deze heb ik al in mijn bookmars, volgens toen een keer al van jou gekregen. Bedankt.

    #51324

    mappas
    Bijdrager

    Ik kocht altijd de biologische olijfolie van Albert Heijn. Nu hebben ze de glazen fles vervangen voor een plastic PET-fles, onder het mom van een meer duurzaam productieproces en makkelijker (lichter) in gebruik.

    Nou, ik heb er geen goed gevoel bij, ga lekker op zoek naar een ander merk biologische olijfolie dat nog wél in plastic fles verpakt 🙁

    #51325

    simone
    Bijdrager

    Bij de Plus en de Reformwinkels hebben ze olijfolie wat niet duur is en ook in glas.

    #51326

    Anoniem

    @enjoy

    Quote:
    Nou, ik heb er geen goed gevoel bij, ga lekker op zoek naar een ander merk biologische olijfolie dat nog wél in plastic fles verpakt

    Bedoelt zeker een glazen fles !!

    #51327

    simone
    Bijdrager

    Ik wou jullie een link posten toen ik zag dat Dirtsa overleden was wat mijn hart ontzettend gebroken heeft.

    Nu wil ik jullie deze link toch niet onthouden, je kunt er violet glazen potjes kopen van 10, 50, 100 etc. ml om daar kruiden etc. in te bewaren zonder dat het door licht wordt aangetast en naar mijn mening helemaal niet zo duur.

    Er staat ook een violet water fles die twee keer zo goedkoop is als bij een therapeut op de site dus doe er je voordeel:http://www.geurpaleis.nl/aromashop/glaswerk_en_edelstenen/violet-glas/p-1/

    #51328

    cham
    Bijdrager

    Bedankt voor je kijkje, dat is idd niet duur.

15 berichten aan het bekijken - 1 tot 15 (van in totaal 16)

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.